Wat handig, de VGCt heeft voor supervisoren online intervisie-avonden georganiseerd over de nieuwe N=1-stijl. Begin maart ben ik zelf van de partij geweest. Erg leuk om te sparren met andere supervisoren over wat een N=1 goed (genoeg) maakt.
Wat heb ik geleerd: Dat het echt gaat over beschrijven van het gehele cognitief gedragstherapeutisch proces. Het gaat niet over het beloop van afzonderlijke behandelsessies. Het gaat om het opstellen van een duidelijk onderzoeksdesign (zoals wat zet ik in, waarom en hoe meet ik dan voor- en achteraf of het werkt?) en vooral daarover ook kritisch kunnen reflecteren.
Ook goed om nog eens aan herinnerd te worden: het draait niet zo zeer om het geven van een effectieve behandeling. Beter gezegd, ook als de behandeling niet loopt zoals je wilt of had verwacht, kan het een goede casus zijn voor een N=1. Reflecteren op het waarom van beperkt effect is ook waardevol.
Dat verder de nieuwe N=1 nu ook toegankelijker is geworden voor collega’s in de GBGGZ is een mooie stap! Het verslag mag immers over minimaal 8 behandelsessies gaan, bij de oude stijl moest iemand in de GBGGZ al snel een N=2 maken. Dit verlaagt vast de drempel voor collega’s werkzaam in die sector om met dit opleidingsonderdeel aan de slag te gaan.
Recente reacties